Legendes van de Fosse Dionne
De slang Basilic
Sint Jan was 20 jaar
en gehaast om
zijn leven aan God en zijn broeders te consacreren.
Hij ging met zijn broeders een cel in de rotswand uithouwen en vestigde zich
in deze heuvel die in die tijd Tonnerre droeg.
Van daaruit komt hij de hele vallei zien die schaduwrijk was en het grote
moeras.
Men waarschuwde hem dat hier uit een groot gat in het moeras een Basilic kwam
die de bevolking angstig maakte en veel ravages maakte.
Naar aanleiding daarvan begon hij de grond om te draaien en te zoeken.
Zo ontdekte hij de mooie en grootse Fosse Dionne
en , maakte het moeras droog door een afwateringssysteem te maken naar de
Armancon.
De vloek van de Basilic werd opheven , de Basilic gedood en de omgeving kon
worden verbouwd. Sinds die tijd kon st Jan geen eenzaam bestaan meer leiden
en verliet Tonnerre definitif om een monnikengemeenschap te stichten in Reome,
tussen Tonnerre en Monbard, Die later Moutiers -Saint-Jean werd genoemd.
Na veel wonderen te hebben verricht en na een actief leven stier hij, naar
zeggen, rechtopstaand in zijn 120 ste jaar in 545.
De Basilic die de heilige hermiet bedwong door
het moerasland droog te leggen, was waarschijnlijk het symbool voor een paludistische
infectieziekte.
Deze plotselinge ziekte ging te paard met hevige koorstaanvallen, een effekt
wat men aan het gif van de basilic toeschreef . De slang ging immers onverwachts
te lijf en zijn gif brandde als dit reptiel
..
Het symbool van de basilic
Wonderlijke slang die door een oogblik of alleen zijn adem al iemand kon doden
, die het ongeluk had de slang niet als eerste te zien. Hij zou geboren worden
uit een hanenei van 7 tot 14 jaar oud en die gebroed werd in mset door een
adder of een grote kikker.
Hij werd voorgesteld door een haan met een drakenstaart of een slang met hanenvleugels.
Het geld van de duivel
Dit gebeurde 13 juli in het jaar 700.
Die dag zag de kleine pierre evrat, zoon van de wijnbouwer, op een wit paard
, koolglinsterende ogen had , een ruiter met een zwart pak en een rode mantel
aankomen.
Deze ruiter vroeg aan Pierre of hij niet ergens
een bron kende waar hij zijn dorst kon lessen.
Pierre wees hem de weg naar de Fosse Dionne. De ruiter liet per ongeluk toen
hij wegreed een zakje zilverstukken vallen.
Pierre raapte snel deze schat op. De volgende dag was het een feestdag in
Tonnerre en pierre wilde dit geld goed gebruiken . echter hij kocht bloemen,
maar deze verwelkten tegelijk, Hij gaf een blinde bedelaar geld en zodra deze
het geld in zijn bakje hoorde vallen, weigerde Deze de gift aan tenemen .
Aan zijn vrienden kocht hij snoep maar zogauw ze de snuisterijen op hadden
kregen ze hevige uikpijn. Met andere vrienden wilde hij "kop of munt"
spelen Maar de ilverstukken hadden ineens alleen maar koppen.
Pierre moest vluchten voor de grote woede van
iedereen. Bovendien verloor hij zijn nachtrust en zijn slaap .Ten einde raad
, begreep hij dat het bewaren van dit geld een grote zonde was En had er grote
spijt van. Pierre ging naar de Fosse Dionne om zich in zijn wanhoop te verdrinken.
De zwarterode ruiter verborg zich niet ver daar
vandaan en wachtte zijn slachtoffer op Hij was niet de enige die Pierre opwachtte
.Een oude man met een witte baard, de bisschop van Pallade, was daar ook.
Pierre kwam aan en gooide al dit duivels geld in de bron en stond op het punt
zich in het water te gooien, maar de stem van de bisschop behield hem om op
het laatste moment . Het op de bodemliggend geld raasde en tierde dat Pierre
schuldig was.
De bisschop gooide zijn mantel over bron , het
water nam de kleur aan van deze mantel . De ruiter , die de duivel was, sprong
achter zijn geld aan en verdween voor altijd in de diepte de bodem met zich
meeslepend tot aan de hel . Het water van de Fosse dionne begon te borrelen
te bruisen en heeft sinds die dag de mooie groenbauwe kleur van de mantel
van de bisschop.